Insecten op een sukkeldrafje

In de eerste helft van augustus ben ik met de NJN op zomerkamp geweest. Na twee jaar weer eens, het was genieten! Ik ging mee met het laatste gedeelte van Zoka XXL, een nieuw concept ter ere van ons 100 (inmiddels 101)-jarig jubileum. Op de fiets werden vijf locaties aangedaan tussen Midden-Limburg en Terschelling. Ik ging mee vanaf de laatste tussenstop in de Weerribben. Daar was ik twee dagen waarna we met de fiets naar Harlingen vertrokken om met de avondboot naar Terschelling te gaan.

Op 8 augustus kwam ik aan op het kampterrein in de Weerribben. Het was flink nat. De camping lag op veengrond en de dag ervoor was een flinke plensbui langsgekomen. De boel stond nog half onder water toen het NJN-kamp arriveerde. En NJN+water=modder, dus het was een vieze bende. Niet echt een lekker begin van het kamp, maar het was niet anders.

Ook de excursiedagen waren moeizaam. Niet omdat het écht vreselijk weer was, maar wel net vervelend genoeg om weinig insecten te kunnen zien. Het was grotendeels bewolkt, behoorlijk fris en met een stevige wind.

Gewone pantserjuffer, man

Op 9 augustus zocht ik met mijn excursie de luwte van het Kuinderbos op. Dat scheelde aanzienlijk. In de halve zonneschijn vlogen enkele libellen. Ook liet een wespendief zich aardig zien. Misschien wel de leukste vondst was een jonge ringslang waar ik bijna op ging staan. Het beest schrok flink en hield zich dood. Met de bek half open en een afgrijselijke stank hoopte hij dat we hem snel met rust zouden laten. Toen de hele excursie over hem heen gebogen stond hield hij het toneelstukje nog eventjes vol om na een tijdje toch eieren voor zijn geld te kiezen en er met een rotvaart vandoor te gaan.

Veldhommel
Veldhommel
Wespendief
Vuurlibel, man
Bruine winterjuffer
Gewone smalboktor

Op 10 augustus ging ik met de boot op pad in de Weerribben. Er was gelukkig amper regen, maar echt zonnig was het ook nog niet. Toch zagen we bij vlagen wel leuke dingen, bijvoorbeeld de enorme wolken Kempense heidelibellen die zich in de luwte van de rietkraag ophielden. Echt onvoorstelbaar dat die soort in de rest van Nederland zeldzaam is, want we hebben er vele honderden, zo niet duizenden gezien. Verder ontdekte ik nog een extreem late bruine korenbout, de één na laatste waarneming van het jaar. Erg fraai zag hij er niet meer uit. Wel fraai was de koninginnenpage die zich in een tuin aan het water ophield in Kalenberg. Hij liet zich prachtig bekijken.

Een Kempense heidelibel (man) op krabbenscheer.
Koninginnenpage
Bruine korenbout, een flink gehavend mannetje.

Op 11 augustus vertrokken we halverwege de ochtend met de fiets en een heleboel spullen richting de boot naar Terschelling. En dat verhaal lees je in de volgende blog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s