Reptielenweer: liefst geen zon

Veel mensen denken bij reptielenweer aan een schitterende, warme en zonnige zomerdag. Want, zo zegt men, ze moeten toch opwarmen in de zon?

In het voorjaar geldt dit vaak. Maar om ‘zonnende’ reptielen te vinden is niet de zon het meest belangrijk. Nee, dat is de temperatuur. Slangen en hagedissen functioneren het best bij een bepaalde lichaamstemperatuur. Is het te koud, dan wordt zo’n dier erg traag. Maar aan de andere kant kan een hagedis ook oververhit raken. Op heel zonnige en warme dagen verdwijnen de dieren in de beschutting om niet uit te drogen of te verbranden. De opwarmtijd is op dit soort dagen heel kort. Soms hoeven ze zelfs niet in de zon te liggen om voldoende op te warmen.

De beste dagen om reptielen waar te nemen zijn in deze tijd van het jaar dagen waarop het bewolkt en tussen de 18 en 22 graden is. Door het gebrek aan direct zonlicht warmt de grond niet zo snel op en de hagedis of slang daarmee ook niet. Met dit weer kunnen ze uren voor hun holletje liggen. In het vroege voorjaar is een zonnetje vaak wel belangrijk, maar de zonintensiteit is dan nog veel lager en de lucht vaak kouder.

Vorige week zondag (bewolkt, 22 graden, geen wind) ben ik een dagje de Veluwe op geweest. De hagedissen lieten zich mooi zien, rustig de warmte vangend tussen de heideplanten. Een hazelworm was zelfs actief aan het rondkruipen, ving een regenworm en ging deze rustig oppeuzelen.

Een mannetje hazelworm (herkenbaar aan de kleine blauwe stipjes op de rug die sommige mannetjes in de paartijd hebben) heeft een regenworm gevangen.

Even later sleept hij zijn prooi mee de hei in

Twee adders lagen aan het begin van de middag nog steeds rustig te zonnen, iets wat op een zonnige dag in deze tijd van het jaar na half tien ’s ochtends vaak niet meer lukt.

Een jonge adder geniet van de beperkte warmte die hij kan vangen

Een groot vrouwtje adder maakt veel zonuren om in de nazomer jongen te kunnen baren. Teveel zon is echter ook niet ideaal. Met de hoge temperatuur en de bewolkte lucht kan ze de warmte optimaal benutten.

Afgelopen zondag begon de dag erg zonnig en al gauw was het warm op de Veluwe. De paar hagedissen die ik nog kon vinden waren hyperactief en renden rond in de dichte begroeiing.

Voor vlinders is het minder snel te warm. Deze bruine vuurvlinder zit nog lekker op te warmen in de felle zon.
Een pas uitgevlogen boomleeuwerik wacht tot de ouder op de achtergrond zijn snavel komt vullen.

Anders werd dit toen het wolkendek zich sloot. Aan het begin van de middag ging de wind iets liggen en was het aardig opgewarmd. Het was rond de 18 graden. De hagedissen die we zagen waren een stuk rustiger en lieten zich beter bekijken. Een flinke gladde slang lag rustig net buiten haar holletje van de warmte te genieten en maakte zich nergens druk om.

Dit vrouwtje gladde slang moet, net als de adder, veel ‘zonuren’ maken om haar jongen te kunnen laten groeien. Toch is deze bewolkte middag daarvoor geschikter dan de zonnige ochtend.

Toen ik anderhalf uur later weer langs dezelfde plek liep lag ze er nog steeds.

Twee wespendieven vliegen over

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s