Een hete auto, werkzaamheden op de snelweg en hoge bergen. Klinkt als zomer en klinkt als vakantie. En dat was het ook. Al vroeg in de zomer vertrok ik met Hendrike richting Oostenrijk. Twee weken wandelen, kamperen in het Lechdal, héél véél vlinders zien, nóg meer tijd besteden aan prachtige libellen fotograferen bij de Zeinissee en natuurlijk beenspiertraining en het bijbehorende uitzicht. Ik was toe aan vakantie en ik heb er ontzettend van genoten. De komende tijd deel ik in meerdere delen mijn Alpenavonturen, van 26 juni t/m 9 juli. Een welverdiende vakantie na een druk voorjaar. Op deze pagina verschijnen alle delen.
Op 29 juni stond weer vroeg de wekker voor een vroeg vertrek. Vandaag zouden we naar de Alpen gaan. Maar niet zonder tussenstops natuurlijk, Zuid-Duitsland is tenslotte ook mooi. En voordat de camping ontwaakt was (of iedereen was gewoon naar huis omdat het maandag was) vertrokken we.
We reden een klein half uurtje om op zoek te gaan naar, je raadt het al, een juffer. We liepen een stukje door het buitengebied een bos in. Hoe dichter we bij de bestemming kwamen hoe minder begaanbaar het pad en meer ongedierte er kwam. Dazen, luisvliegen en Hendrike heeft zeker 5 teken van haar voet afgehaald. Ik heb de hele dag geen teek gezien.

Maar het plekje was het wel waard. Ik wilde heel graag dwergjuffers zien, het kleinste en schattigste juffertje van Europa. En heel zeldzaam en altijd in kleine, kwetsbare natuurgebiedjes. Dat was bij dit veen niet anders, maar we hadden de tip gekregen dat er wel kleine paadjes heen liepen en dat de juffertjes ook aan de rand van het veen zaten, zodat je er niet doorheen hoeft te stampen om ze te zien. En ik zag al snel dat dat klopte.

Aan het einde van het paadje begon het veen en zagen we al snel een paar dwergjuffers. Zonder echt het gebied in te gaan zagen we al een stuk of twintig dwergjuffers: uitgekleurd, kakelvers, parend en zelfs een paar piepkleine larvenhuidjes! Meer dan die drie stappen was dus ook echt niet nodig en we hebben de rest van het gebied met rust gelaten. Maar wat een fantastische plek en wat een prachtige mini-juffertjes! Op de foto’s zie je niet goed hoe klein ze zijn, maar als je het lantaarntje kent: de helft in lengte en een kwart in dikte daarvan! Nadat ik genoeg foto’s had vluchtten we snel weg van de luisvliegen, dazen en teken. Dat is wel zo met die fantastische veentjes: de bewoners zijn niet allemaal zo schattig…











Na nogmaals een korte autorit stond er nog meer veen op de planning: het Murnauer Moos. We vonden een plek om de auto te parkeren en liepen een weg uit om daar er achter te komen dat we niet verder mochten. Broedgebied voor wulpen. De Zuid-Duitse kraanvogel blijkbaar, want je mocht echt niks helaas. Tja wat dan, de weg ernaast proberen of een betere plek zoeken? We besloten om een stukje terug te rijden naar de andere kant, dat leek wat beter en daar was inderdaad een weg het gebied in. Alleen de zijpaadjes mocht je nog steeds niet in.
Langs de weg was gelukkig genoeg leuks te zien. Er waren prachtige bloemrijke veenweides met veel grote pimpernel met behoorlijk wat vlinders. Het geelsprietdikkopje was in de meerderheid, en verder zagen we daar het pimpernelblauwtje, donker pimpernelblauwtje, veenhooibeestje en woudparelmoervlinder. Op de terugweg hoorden we ook nog een grote karekiet, maar die zagen we niet. Ondanks dat we er niet uitgebreid mochten rondkijken was het toch een leuke tussenstop!





Langzaam aan kwamen de bergen dichterbij. Vanaf de camping konden we de bergen al zien liggen. In het hoogveen zaten we echt onder de eerste bergen maar nu gingen we er dan ook echt in. We hadden een prachtige route door een natuurgebied met prachtige stukken veen. De weg was erg bochtig. In de rivieren waar we langs kronkelden en overstaken stond weinig water. De grensovergang was nauwelijks zichtbaar, een vaag oranje bord met waarschuwingen moest de grens voorstellen.
De camping bij Rieden in het Lechdal waar we terecht kwamen lag aan een superhelder riviertje met veel beekforellen. Honderd meter verderop is een gebiedje waar de Siberische waterjuffer rondvliegt. Het zal toch geen toeval zijn…

Plaats een reactie