Dit jaar is tot nu toe blijkbaar echt het jaar van de adder. Nadat het reptielenseizoen al vroeg op gang kwam zag ik er voor mijn doen al erg veel dit jaar, zelfs twee mannetjes in ons telgebied waar we al zeven jaar geen mannetje gezien hadden. En afgelopen zondag was al helemaal een gekke dag.
Met Hendrike ging ik op de Veluwe naar twee van mijn telroutes. Het weer viel nog wat tegen in de ochtend, dus op het laatst besloot ik om de volgorde van de twee rondes om te draaien in de hoop bij het natte gebied nog wat libellen te kunnen zien als hopelijk de zon was doorgebroken.
In het eerste gebied begon het moeizaam. Het was nog te koud en bewolkt om ook maar één reptiel te zijn, afgezien van een hazelworm die veilig en beschut onder een boomstam lag. Op de plek van de twee addermannetjes vond ik slechts een vervellingshuid, een teken dat de eigenaar ervan het winterverblijf verlaten heeft en op avontuur is. Na een uur brak gelukkig de zon door en dat was een goed moment om 14 zandhagedissen en nog eens 3 hazelwormen te tellen. Een gemiddelde score voor het gebied.



De zon was inmiddels weer weg toen we naar het tweede gebied gingen. In de eerste twee honderd meter moesten we het zonder waarnemingen doen, toen brak de zon weer even door. Terwijl ik aan de waterkant een paar stappen naar voren deed om een juffertje te bekijken viel mijn oog plots op twee zonnende adders, een mannetje en een vrouwtje, die in elkaar gerold op de oever lagen te zonnen, pal aan het water. Een stap verder en ik had toch een probleempje gehad. Altijd blijven opletten dus. Beide slangen bleven gelukkig rustig liggen en waren mooi te zien.



We waren nog niet veel verder toen Hendrike nog een volwassen adder vond. De slang wachtte braaf tot ik een kort sprintje getrokken had om hem te zien om vervolgens toch maar weg te kruipen. En nog geen drie minuten later vond ik een zonnend addertje, een jong van vorig jaar. We hadden nu ongeveer een vijfde van onze route gelopen en nu al een evenaring van het recordaantal adders op één telling in dit gebied. Inmiddels begon de telling wat zandhagedissen betreft ook wat op te lopen.








Aan de rand van het gebied moest ik op mijn sandalen door het water lopen om de route te kunnen volgen, het water stond extreem hoog en het alternatief was heel dichte bosjes. Aan de rand van het ven lagen, net als aan het begin van de ronde, een paartje adders rustig op te warmen aan de waterkant. Nog stomverbaasd over het aantal adders dat we tot nu toe in mijn telgebied gezien hadden kroop er nog een jong addertje onder mij door terwijl ik de volwassen dieren nog stond in te voeren.



En nog altijd waren de adders niet klaar met ons. Een stukje verderop zag ik weer zo’n opgerold drolletje op het ‘pad’ liggen. En terwijl we daarnaar stonden te kijken schoot er nog eentje weg pal naast mij.

Midden in het veen is het was moeilijker lopen. De ondergrond is heel ongelijk en op veel plekken kan je ook nog eens diep wegzakken. Daarom gaat het lopen daar vrij lomp. Een klein addertje schrok zo van de plotselinge verschijning van mijn voet van achter een graspol op een halve meter afstand dat hij al kronkelend en sissend de afweging maakte om zich snel te verstoppen in de dichte vegetatie.
Dichtbij het ven vond ik nog drie zonnende ringslangen die bij benadering snel in het water verdwenen. Wel zo veilig. En terwijl we bijna terug waren bij het begin zag ik nog één jong addertje liggen zonnen op het mos. Wat een dag zeg.
De telling eindigde met maar liefst 11 adders, 11 zandhagedissen, 3 ringslangen en 2 hazelwormen. Zelf zag ik nog nooit zoveel adders op een dag, zelfs niet in Drenthe waar de dichtheid doorgaans veel hoger is dan op de Veluwe. In dit gebied leek het slecht te gaan met de adders en zagen we er nog nooit meer dan een enkele keer vier op een dag. Eerder dit jaar en vorig najaar zagen we ook al vrij veel adders. Is het nou zo’n goed jaar voor de adder? Of zijn de omstandigheden om ze waar te nemen zo goed? Of is het puur geluk? Dat laatste kan deels waar zijn, maar het lijkt inmiddels wel een patroon. Ik heb de lat voor de komende tellingen in elk geval lekker hoog gelegd.

Geef een reactie op Wat een reptielenjaar – JFK Natuurblog Reactie annuleren