Op 3 april woedde een grote natuurbrand op de Eder Heide waarbij zo’n 75 hectare natuur in vlammen op ging. Een grote zwartgeblakerde vlakte bleef over. Een deel van de knalgroene zandhagedissen overleefde de brand, maar in een landschap zonder beschutting en met weinig voedsel is het een uitdaging om in leven te blijven. Op de verbrande heide kom ik nu dingen tegen die ik nog nooit eerder zag. Een buitenkansje bij mij op fietsafstand.

Ik heb sinds de brand verschillende bezoekjes aan het gebied gebracht om te zoeken naar leven na de brand en te zien hoe het gebied zich ontwikkelt. Afgelopen vrijdag was mijn laatste bezoek, twee weken na de brand. Verder bezocht ik het gebied na drie dagen, vijf dagen en acht dagen na de brand.

De eerste weg naar herstel is al ingeslagen. Zelfs van grote afstand is op de zwartgeblakerde vlakte al groen te zien. Zeker na de regen van de afgelopen week zetten de grassen, met name pijpenstrootje, een groeispurt in. In noodtempo schiet het groen als paddenstoelen de grond uit. De natuur is niet van plan lang kaal te blijven. Nu is het nog de kunst met het beheer de grassen bij te houden, zodat andere vegetatie ook een kans krijgt een plekje in het hernieuwde landschap te bemachtigen. De grassen groeien met name vanuit de bestaande grote pollen pijpenstrootje. Op het stuk waar oorspronkelijk alleen struikhei, en geen pijpenstrootje, stond is het nog altijd zwart en onbegroeid.

Tussen de sprieten is veel insectenleven te vinden. Met name veel mieren lopen over de grond. Rode bosmieren, maar ook allerlei andere soorten. Nieuwe routes worden uitgezet en ‘rommel’ wordt opgeruimd. Tussen de mieren zag ik ook een mooie grote spin lopen: de gewone mijnspin. Een echte Veluwse soort van droge heidegebieden. Ik ken ze als de grote spin die opvalt als hij over zandpaden en fietspaden loopt. Op de zwartgeblakerde grond is hij perfect gecamoufleerd.

Direct na de brand zijn de mieren aan de gang gegaan. Inmiddels is het zand in en rond veel afgebrande graspollen flink omgewoeld door het bodemleven. De zwarte bulten in het landschap kleuren lichtgrijsbruin.

De middag begon bewolkt, de reptielen lieten zich niet zien. Dat bood wel de gelegenheid om onder dood hout te zoeken. Plaatselijk lag veel heel en half verkoold hout. Zolang het hout niet helemaal opbrandde bood het wat beschutting tegen de hitte van de vlammen tijdens de brand. Nu is het een schaarse schuilplaats in het open landschap, waar bovendien nog wat vocht vastgehouden wordt. Ik vond er onder andere blauwzwarte schallebijters (loopkevers) en veel mierennesten. Natuurlijk heb ik niet alle stammetjes omgedraaid om ook een deel met rust te laten. Ook reptielen en amfibieën waren te vinden onder het hout. Een aantal zandhagedissen vond ik er, en enkele rugstreeppadden en gewone padden.

De leukste waarneming vond ik een jonge hazelworm die ik levend en wel onder een houtje vond. Het was de eerste waarneming van een levende hazelworm op de Eder Heide sinds de brand, nadat er al achttien dode exemplaren waren gevonden. Dit jong van vorig jaar zag er helemaal gezond uit en had een mooie schuilplaats gevonden.

Toen de zon doorbrak waren er opnieuw behoorlijk wat zandhagedissen actief. Veel hielden zich op in de omgeving van dood hout, waar ze meer beschutting en voedsel vinden dan op de kale vlakte. Maar ook midden in het zwartgeblakerde landschap zijn nog altijd zandhagedissen aanwezig.

Aan het eind van de middag vond ik nog een levende hazelworm, een prachtig volwassen mannetje. Ik ben blij dat er ook hazelwormen zijn die de aanslag op het gebied hebben overleefd. Ik had er een hard hoofd in nadat ik vooral levende zandhagedissen en alleen maar dode hazelwormen zag. Maar gelukkig, ze zijn er nog.

De natuur is snel aan de slag gegaan om aan het herstel te werken. Na de regen krijgen de grassen een kans en zal het gebied snel weer begroeid raken. Daarbij is het nu wel zaak te zorgen dat andere plantensoorten die minder snel reageren en groeien, ertussen kunnen komen. Hopelijk wordt daar goed rekening mee gehouden met het beheer, zodat er een mooi gevarieerd heideterrein kan ontstaan. Ik ben heel benieuwd hoe het gebied er over twee weken uitziet. Vast weer een wereld van verschil.

Plaats een reactie

Over de auteur

Jan-Freerk Kloen Avatar