Eindelijk vakantie. Na een druk voorjaar eindelijk de kans om er tussenuit te knijpen. Het leven even op pauze zetten en kennismaken met een nieuw stukje wereld. Samen met Hendrike vierde ik van 23 juli t/m 16 augustus zomervakantie in Zweden. Met haar ouders reden we heen en terug, in Zweden fietsten we met zijn tweeën ruim 500 km door de heuvels van Store Mosse National Park naar Hjulsjö. Voor Hendrike was het voor een deel oude herinneringen van vele vakanties naar Zweden ophalen, voor mij was het een eerste kennismaking met Zweden zonder sneeuw. In deze blogserie schrijf ik alles over de prachtige bossen, meren, hoogvenen en… jawel, noorderlicht! Op deze pagina verschijnen de komende tijd alle blogs over Zweden.
Na een lange reis met een busje vol fietsen en spullen door Duitsland en Denemarken kwamen we op 24 juli diep in de nacht aan op een natuurcamping in Virestad, Zuid-Zweden. Hendrike en ik zetten de tent op terwijl het al licht begon te worden. Een flink dutje later konden we kennis maken met Zweden bij daglicht. Het was inmiddels twaalf uur en mooi weer. De camping lag aan een groot meer, omgeven door bos. Maar pas tijdens een fietstochtje zag ik pas goed waar ik terecht gekomen was.
Door het prachtige Zweedse landschap fietsten we er over kleine, golvende weggetjes heen. Mooi loofbos, afgewisseld door weilandjes, stukjes natuur en boerderijen. Toen we om een hoekje bij een grasland verschenen stonden er om het hoekje dichtbij de weg twee kraanvogels. Toen ik een stuk verderop mijn camera had uitgepakt en terugging waren ze een stuk verder naar achter gelopen. Maar toen had ik de camera wel paraat bij twee andere kraanvogels die even later op een open plek stonden. Die waren eerst wat schichtig om zich heen aan het kijken, maar toen bleek dat die dikke toeter geen gevaar vormde bleven ze gewoon staan en gingen ze door met wat poetsen en rek- en strekoefeningen.





Onze bestemming was het huis waar Linnaeus opgroeide. Een groepje boerderijen die inmiddels als eerbetoon aan misschien de bekendste Zweedse persoon voor de toeristen is ingericht. Een aanzienlijk deel van de huidige wetenschappelijke namen van planten en dieren hebben we nog altijd aan deze man te danken.
Op 25 juli stond het eerste echte natuuruitje op de planning. Hendrike en ik fietsten naar Vagö Myr, een groot hoogveengebied met een vlonderpad naar een uitkijkpunt. Ik hoopte hier op leuke vlinders en libellen. In Zweden komen veel soorten voor die het in Nederland allang helemaal of deels hebben moeten ontgelden door ontginning en klimaatverandering. Los daarvan komen er ook een heel aantal echte noordelijke specialisten voor in Zweden.
De fietstocht naar het natuurgebied toe was eigenlijk al leuk genoeg. In de berm zagen we veel vlinders. In de zon zagen we heideblauwtjes, het morgenrood, grote parelmoervlinders, purperstreepparelmoervlinders, bosparelmoervlinders en keizersmantels.







Het vlonderpad door het hoogveen begon in een bos vol blauwe bosbessen en rijsbessen. Op de Veluwe zouden alle bessen allang door de zwijnen zijn opgegeten, maar in Zweden is er meer dan genoeg. Een mooi gezicht. Het pad liep eerst door een stuk veen met nog veel grove dennen. Afgewisseld door een soort eilanden van stevige ondergrond waar bos voet aan de grond had gekregen. In het hoogveen zagen we met name veel heideblauwtjes en af en toe een purperstreepparelmoervlinder. Met goed zoeken zagen we ook de eerste echte hoogveenspecialist: het veenhooibeestje. Op de eilanden kwamen we opnieuw het morgenrood, grote parelmoervlinders, bosparelmoervlinders en nu ook een bosrandparelmoervlinder tegen.





Hoewel het op en rond het vlonderpad stikte van de levendbarende hagedissen, zagen we ondanks het geschikte weer geen enkele adder. Dat veranderde op de terugweg, toen er opeens eentje in de bosrand het pad overstak. Even later ging het mooie, donker gekleurde beest mooi liggen zonnen. Uiteindelijk zagen we zelfs nog drie adders. Dat ging opeens hard.




Dat was een eerste kennismaking met Zweden. Het land van de bossen, meren en venen. En deze keer geen sneeuw. De ruimte die de natuur, maar ook de mens, krijg spreekt mij enorm aan. Iedereen kan hier aardig zijn gang gaan zonder dat de natuur te veel lijdt. Ik ben benieuwd wat ons wekenlange avontuur gaat brengen!

Plaats een reactie